Hoe kan digitale samenwerking de ANW-zorg ondersteunen?

Episode 2 September 02, 2026 00:27:59
Hoe kan digitale samenwerking de ANW-zorg ondersteunen?
Digitale Zorgcast
Hoe kan digitale samenwerking de ANW-zorg ondersteunen?

Sep 02 2026 | 00:27:59

/

Show Notes

In deze aflevering van De Digitale Zorgcast gaat Ivette Heesbeen, beleidsadviseur bij ActiZ (team Digitaal Denken en Doen), in gesprek met Irma Elzinga, triagist bij Coördinatiepunt Ouderenzorg Friesland, en Lodewijk Oostra, regionaal programmamanager van het regionale coördinatiepunt. Zij vertellen hoe digitale samenwerking de avond-, nacht- en weekendzorg (ANW) in Friesland verandert.

Waar triagisten voorheen alleen de ANW-zorg voor hun eigen organisatie ondersteunden, kunnen zij dat inmiddels voor meerdere zorgorganisaties in de regio doen. Door informatie digitaal beschikbaar te maken, kunnen zorgprofessionals over organisatiegrenzen heen samenwerken en sneller inspelen op de zorgvraag van cliënten.

In het gesprek vertellen Irma en Lodewijk hoe deze manier van werken in de praktijk werkt, wat de samenwerking vraagt van zorgprofessionals en welke ervaringen zij hebben opgedaan met de invoering. Ook bespreken zij het belang van privacy en veilige gegevensuitwisseling bij netwerkzorg.

Benieuwd hoe digitale samenwerking de ANW-zorg kan ondersteunen en wat andere regio’s hiervan kunnen leren? Luister de podcast en kom meer te weten!

View Full Transcript

Episode Transcript

[00:00:02] Speaker A: Coördinatiepunt Ouderenzorg Friesland met Linda. [00:00:05] Speaker B: Goedenavond met Anne, verzorgende bij Woonzorgcentrum Friesicht. [00:00:09] Speaker A: Ik bel over mevrouw Johanna Jansen. Wat is haar geboortsraad en dan pak ik het dossier er even bij. 23 mei 1936. Dankjewel. Waar bel je voor? [00:00:20] Speaker B: Mevrouw is in de stervenfase met comfortbeleid, [00:00:23] Speaker A: maar sinds vanmiddag wordt ze steeds onrustiger. [00:00:25] Speaker B: Ze plukt aan de dekens, woelt veel en kreunt af en toe. [00:00:29] Speaker A: Ze lijkt zich niet echt lekker te voelen. Vervelend. Onrust in de stervisfase beoordelen we snel. Kan je me vertellen welke medicatie ze krijgt? [00:00:39] Speaker B: Morfine, subcutaan en medicatieafspraken voor onrust. [00:00:44] Speaker A: En heeft ze vandaag extra giften gehad en hielpen die? [00:00:46] Speaker B: Ja, een paar keer, maar telkens maar heel kort. Daarna werd ze weer onrustig. [00:00:51] Speaker A: Ja, dat zie ik ook in haar dossier. Als medicatie maar even helpt moeten we verder kijken. Is jou nog iets anders opgevallen? [00:01:00] Speaker B: Ja, nu je het zegt, ze heeft vandaag bijna niet geplast. Belangrijk. [00:01:05] Speaker A: Hebben jullie een bladderscan? [00:01:07] Speaker B: Ja. [00:01:08] Speaker A: Doe die even. En omdat het ongemak toeneemt, stuur ik ook de ambulanceverpleegkundige even langs. Dan beoordelen we samen wat er speelt. Bel me terug met de uitslag. [00:01:18] Speaker B: Prima, dat regel ik. [00:01:21] Speaker A: Welkom bij deze podcast van Actis. Ik ben Yvette Heesbeen, senior beleidsadviseur bij Actis en vandaag gaan we het hebben over de mooie toepassing die is ontwikkeld voor de avond, nacht en weekendzorg, ook wel de ANW genoemd. En te gast hier zijn Irma Elzinga, triagist in Friesland en Lodewijk Ostra, regionaal programmamanager van het regionale coördinatiepunt daar. Fijn dat jullie er zijn. [00:01:46] Speaker C: Dank je wel. [00:01:48] Speaker A: Irma, we horen hier net een triagist aan het werk. Jij bent ook triagist? [00:01:53] Speaker B: Ja, klopt. [00:01:54] Speaker A: En is dat dan ongeveer hoe dat eruit ziet, zo'n gesprek? [00:01:59] Speaker B: Ja, dit is zeker zoals het in realiteit gaat. [00:02:02] Speaker A: En hoe gaat het dan verder? Wat is dan verder je taak als triagist? [00:02:06] Speaker B: Wat triage inhoudt. Triage houdt in dat je bepaalde informatie verzamelt, compleet maakt, uitvraagt op onvolledigheid. Dat allemaal bij elkaar gooit en daarmee bepaalde urgentie bepaalt en vervolgacties uitzet. [00:02:23] Speaker A: Hoe stel ik me dat voor? Jij zit achter de telefoon ergens en dan wat gebeurt er dan? [00:02:29] Speaker B: Wij krijgen een telefoon van de zorgmedewerkers die op locatie werken. Die zijn bij een patiënt, een bewoner en die constateren dat er iets niet helemaal in de haak is. En die gaan zelf hun eigen vooronderzoek doen en bedenken, nou misschien moet hier toch wel wat mee, meer dan dat we nu kunnen en kunnen we eigenlijk niet meer wachten totdat de volgende dag aanbreekt. Dus dan gaan ze dat verzamelen en die bellen dan naar mij toe. En dan is het voor mij van, weet je wat is nou echt het probleem? Hebben we alle informatie? Is het echt zo urgent dat we daar nu in de avond, nacht en weekend wat mee moeten? of kunnen we dit laten wachten tot de volgende dag. [00:03:05] Speaker A: En dan ga jij daar iemand heen sturen of hoe werkt dat dan? [00:03:08] Speaker B: Dat hangt van het verhaal af. Het ene moment kan ik een heel goed beeld vormen en kan ik daarmee verder en of het zelf afhandelen of iets naar de arts zetten. [00:03:19] Speaker A: Maar dat betekent dus ook dat jij zelf ook een medische achtergrond hebt? [00:03:22] Speaker B: Ja, ik ben verpleegkundige, dat klopt. Ja, die is wel nodig. [00:03:26] Speaker A: Ja, dat lijkt me inderdaad best handig in dat geval. Dus er wordt naar jou gebeld en jij schakelt dan bijvoorbeeld een arts of een verpleegkundige in, moet ik me dat zo voorstellen? [00:03:37] Speaker B: Ja, dat klopt. Als wij hebben geconstateerd, hier heeft echt een arts nodig, dan bellen wij de arts en die schakelen we in. Maar soms krijgen we het beeld ook gewoon niet helder of is er een verpleegkundige handeling nodig en dan schakelen we naar de ambulance verpleegkunde. [00:03:50] Speaker A: En Lodewijk, als iemand op een verjaardag aan jou vraagt wat jij doet, wat zeg je dan? [00:03:59] Speaker C: Ja, dan zeg ik dat ik programmamanager ben van een programma in Friesland rondom zorgcoördinatie en dat dat vooral inhoudt dat ik probeer organisaties met elkaar samen te laten werken om de schaarste problematiek die er is, dus we hebben te weinig artsen, we hebben te weinig verpleegkundigen, om dat op te lossen. En eigenlijk ook, dus wat Irma doet, die doet dat... Voorheen deed ze dat voor één organisatie, dus voor haar eigen organisatie. Maar nu zijn we zover dat we dat dus voor meerdere organisaties doen. Dus dan, in plaats van dat iedereen het zelf doet, doe je het samen en met elkaar. [00:04:33] Speaker B: Oké. [00:04:33] Speaker A: En hoe zou je dan jouw rol daarin beschrijven, zonder dat mensen gelijk naar de bitterballen lopen? [00:04:41] Speaker C: Ja, nou, meestal hou ik me ook stil over, want ik merk dat dat heel veel mensen, weinig mensen werken in de ouderenzorg, dus dan, maar het is, ja, ik ben gewoon een projectleider die dit coördineert en die ervoor zorgt dat wat er geregeld moet worden, dat dat geregeld wordt. Maar als je dat over heel Friesland doet met vijf hele grote instellingen en nog een aantal kleine, Dat gaat er gewoon heel veel tijd in zitten. [00:05:04] Speaker A: Ja, veel gesprekken en dat soort dingen. Daar gaan we ook nog lekker op terugkomen zo meteen. Irma, als je het zou vergelijken hoe dat eerder ging en hoe dat nu gaat met de samenwerking zoals die nu ontstaan is in Friesland. Wat zijn dan de verschillen? [00:05:26] Speaker B: De grootste verschillen is de mate waarop je wordt ingezet als triageist. Dat was niet altijd efficiënt genoeg. Je bent nu bezig voor zeven zorgorganisaties, waarin je voldoet om die triage te doen. Normaal deed je dat, wat Lodewijk zei, voor je eigen organisatie. Nu doe je het overstijgend over zeven. Dat maakt het weer extra interessant, want je krijgt andere doelgroepen erbij. andere medewerkers. Dus dat is de grootste verandering. [00:05:59] Speaker A: Stuk efficiënter dus. [00:06:01] Speaker B: Zeker. [00:06:02] Speaker A: Je bundelt de krachten in Friesland wat dat betreft. Oké. En was jij meteen enthousiast toen dit project, of dit ontstond? Of niet? [00:06:13] Speaker B: Nee, ik was heel enthousiast. Ik zie ook gewoon waarom dit nodig is. Je zag de tekorten oplopen, je zag de inefficiëntie. Dus nee, ik kan alleen maar me aanvragen. Nee, vanaf dag één denk ik dat ik erin gesprongen ben en denk van joh, ik snap heel erg goed waar we naartoe willen en waar ik kan, wil ik mijn steentje bijdragen. [00:06:31] Speaker A: Ja. En Lodewijk, hoe of wanneer ontstond het idee dit moet anders? [00:06:39] Speaker C: Nou, dat ontstond eigenlijk bij twee organisaties, twee grote organisaties in Friesland, die in Noord-Friesland opereerden, die al een tijdje liepen met een tekort aan specialisten oudergeneeskunde, die in de avondnachten en weekenden de medische bereikbaarheid deden. Noorderbreedte en kwadrant zeiden van dat willen we samen doen en wij zijn daarmee gestart en hebben op basis van, hij heeft ook best wel veel voet in de aarde gehad, maar gewoon data, onderzoek, hebben gezegd van nou we kunnen die pools samenvoegen. En vanuit daar is eigenlijk dat uitgebreid naar de hele provincie, waardoor we op een gegeven moment een punt hadden dat we voor de hele provincie met elkaar de medische bereik en beschikbaarheid coördineerden. En vanuit daar hebben we ook gekeken naar de verpleegkundige bereik en beschikkbaarheid. [00:07:27] Speaker A: Ja, mooi hoor, mooi. En Irma, wat merk jij eigenlijk van de techniek die erachter zit? [00:07:35] Speaker B: Het is soms ingewikkeld. We werken met verschillende dossiers. Het is wel beperkt tot drie verschillende soorten. Dat was voorheen minder en je ziet dat het meer uniform wordt. Maar dat is vooral even wennen, want je bent natuurlijk als CSC van je eigen organisatie gewend aan je eigen dossier. En nu heb je verschillende. En dat is vooral even zoeken. En ook al heb je hetzelfde systeem, dan is het nog niet altijd allemaal gelijk ingericht. Dus dat is met name de zoektocht. Maar als je daar eenmaal in zit, dan is dat prima werken. Maar dat is wel een groot verandering. [00:08:08] Speaker A: Is er ook een nieuw systeem gekomen? Of was het meer dat je moest leren werken met verschillende bestaanden? [00:08:14] Speaker B: Verschillende bestaanden, maar dat is dan wel voor iemand die het niet gewend is, een nieuwe. [00:08:18] Speaker A: En wat merken de zorgmedewerkers met wie jij contact hebt daarvan? [00:08:27] Speaker B: In principe zou... Van de dossiervorming of van... Nee, van de dossiervorming niks, want ze werken voor een eigen organisatie en daar blijven ze in werken en wij zoeken dan het dossier van die organisatie erbij. [00:08:38] Speaker A: Dus zij zitten in hun eigen dossier. [00:08:40] Speaker B: Ja. [00:08:41] Speaker A: Ook als zorgverlener bij iemand die in een andere zorgorganisatie woont of daar zorg van krijgt? [00:08:49] Speaker B: Ja, wat we met name zien is dat in de nacht, zeg maar, elkaar kruist. En dan heb je als zorgverlener als uitrijdende partij, kom je soms bij partijen waar je geen toegang hebt tot een dossier. Daar hebben we een soort koppeling voor gecreëerd waarvan de triassisten de coördinatie hebben de regisseurfunctie en daarmee toegang kunnen geven tot een klein gedeelte van het dossier waarmee ze voldoende informatie zouden hebben om de zorg op dat moment te kunnen leveren en hun rapportage terug te laten. [00:09:22] Speaker A: Dus jij bent degene die de toegang geeft tot het dossier aan die zorgmedewerker? [00:09:27] Speaker B: Ja, wij hebben als triassist daarin de coördinerende functie en ook de regiefunctie. [00:09:32] Speaker A: En die zorgmedewerker zit gewoon in zijn eigen dossier, zoals zij dat gewend is. En Lodewijk, waar zit volgens jou het succes? Zit dat in de techniek of zit dat in de samenwerking of nog ergens anders? [00:09:51] Speaker C: Ik denk dat het succes zit in drie factoren. Dus in het begin natuurlijk de samenwerking. Is iedereen bereid om... Want je moet je voorstellen dat een triërcist van een andere organisatie besluit over een cliënt van je eigen organisatie. Dus dat is al punt 1. Daar moet je voor openstaan en dat dus willen doen. De tweede is de techniek, dat is een hele belangrijke. Het moet voor een arts die voor een andere organisatie werkt, een zorgmedewerker die bij een andere organisatie komt of een triagist die in alle organisaties moet kijken, mogelijk zijn en makkelijk gemaakt worden. Daar hebben we een aantal oplossingen voor. Een van die oplossingen, dat we werken met een systeem die het gemakkelijk maakt om in al die verschillende dossiers in te... Voor een triagist, die kan bij de meeste dossiers met hetzelfde gebruikersnaam en wachtwoord inloggen. Dus in plaats van 21 verschillende wachtwoorden en 21 verschillende inlognamen, hebben we dat enorm beter terug te brengen. Dus je logt als triagist met je eigen organisatie, e-mail en wachtwoord in. En de techniek zorgt ervoor dat je dan ook van die andere organisatie de inlog krijgt. Dat is heel ingewikkeld om op te zetten. Ook AVG technisch, daar hebben we heel veel werk van gehad, maar het is wel gelukt. [00:11:06] Speaker A: Ja, want daar zit wel een privacy kant aan. [00:11:08] Speaker C: Zeker weten. Dus daar hebben we echt heel veel tijd en energie in gestoken. Dus dat is van belang. Ik denk dat we straks ook nog iets moeten vertellen over de nuts bolt in de nacht. En het derde belangrijke punt is de triagist. De juiste persoon, met de juiste kwaliteiten, die als jij gebeld wordt, of als jij belt, je krijgt iemand aan de telefoon, die persoon moet jou verder helpen, want anders denk je de volgende keer, ik bel niet. Dus de techniek helpt heel erg, maar die triagist, de kennis en kunnen en vaardigheden van die triagist En ook de manier waarop ze dus met een dokter en een verpleegkundige, een ambulanceverpleegkundige en een zorgmedewerker op locatie moeten schakelen. Ja, dat is echt wel eigenlijk de sleutel tot het succes. [00:11:56] Speaker A: Nou ben jij hè Irma? Onder andere. Jij bent daarin dus cruciaal om even terug te komen op dat privacy aspect. Heb jij daar wel eens iets van gemerkt? Hoor jij daar wel eens wat over terug van de zorgmedewerkers? [00:12:12] Speaker B: over het privacy aspect zelf niet. Want ze bellen ons en ze vragen ons om mee te kijken met hun casuïstiek. Dus wij loggen in en de zorgmedewerkers houden zich hier niet over het algemeen mee bezig. [00:12:25] Speaker A: Nee, die hebben er eigenlijk alleen maar profijt van dat ze in het dossier kunnen. [00:12:28] Speaker B: Ja, zeker. En het is wel voor ons als triassisten ben je wel heel erg bewust van oh, ik zit in verschillende dossiers van verschillende organisaties. En ja, je bent daar wel verantwoordelijk voor. [00:12:42] Speaker A: Ja, dus het is wel een beetje spannend. [00:12:44] Speaker B: Als er diërs is, voel je hem zeker. Maar ik denk de zorgmedewerker op locatie, die is allang blij dat hij geholpen wordt. [00:12:50] Speaker A: En jij gaf aan, Lodewijk, dat dat best wel ingewikkeld is geweest. Je had het over nuts. Kun je dat in leke termen kort uitleggen wat dat inhoudt? [00:13:05] Speaker C: Ja, in de nacht werken we, als we ergens een verpleegkundige naartoe sturen, die dus niet van dezelfde organisatie is, dus die gaat naar een cliënt van een andere organisatie, dan werken we met de nutsboldvoorziening. En dat is eigenlijk een methode die ervoor zorgt dat informatie van een cliënt in een ene dossier, een gedeelte daarvan, dat wordt inzichtelijk voor een zorgmedewerker die vanuit een ander dossier werkt. Dus je moet je voorstellen, je bent een verpleegkundige en je werkt in het dossier van ONS. Daar werken heel veel verpleegkundigen in. Dat ken je en daar ben je mee bekend. En je wordt ergens naartoe gestuurd en dan is het voor jou natuurlijk heel makkelijk als je vanuit dat dossier dan die cliënt kunt opzoeken. En dat je dan... Je ziet niet alles. Je ziet de laatste tien rapportages. Zodat je in een beeld en je ziet informatie die van belang is. Dus waar woont die cliënt? Waar ligt de sleutel? Hoe zit dat allemaal? Zodat je voorbereid ergens naartoe kunt gaan en niet dus helemaal blind in een situatie terechtkomt. En dat maakt de zorgverpleegkundige fijner om hun werk uit te voeren. Tegelijkertijd is dat privacy technisch natuurlijk wel belangrijk. Die toegang is ook maar voor even. Irma als triagist kan die toegang verlenen en de techniek zorgt ervoor dat dus maar een gedeelte van de informatie overgaat en dat dat daarna weer weg is. Plus alles wordt gelogd, dus je ziet wie er in het dossier gaat. Die techniek maakt het dus wel mogelijk dat waar triagisten dus in die 21 dossiers moeten inloggen, kunnen die ambulant verpleegkundigen in de nacht dus gewoon helemaal vanuit hun eigen dossier werken. En dat is heel fijn, omdat je in de auto zit, je bent ergens naartoe, je zit niet achter je bureau, dus je moet het zo makkelijk mogelijk maken. [00:14:54] Speaker A: Is daar wel eens iets misgegaan? Zonder nou gelijk... Ik ben niet op zoek naar relletjes of zo, maar zeker in zo'n pilotfase of zo, dan... Ik kijk even naar jou, Irma. Gaat dan wel eens iets mis? [00:15:10] Speaker B: Als het misgaat, dan kunnen we de koppeling niet maken. En dan hebben ze dus geen toegang tot een dossier, maar dan kunnen ze altijd die 3S'ers nog terugbellen. Zo van, joh, weet je nou, er gaat iets niet goed of het gaat niet goed met die koppeling. En dan zijn wij zeg maar de back-up, waarin ze nog wel hun informatie kunnen verkrijgen. [00:15:28] Speaker A: En dan gaat het dus eigenlijk niet mis, omdat je dan toch de informatie kunt bieden. [00:15:31] Speaker B: Dan gaat de koppeling niet mis, maar de rest niet. [00:15:35] Speaker A: Nee, precies. En aan de andere kant, Lodewijk, gaat het soms wel eens mis in de zin dat er teveel gegevens beschikbaar komen? [00:15:48] Speaker C: Teveel gegevens? Nee, dat denk ik niet. Niet dat ik weet. [00:15:55] Speaker B: Bedoel je via de nuts? [00:15:57] Speaker C: Ja, überhaupt. Ja, kijk, we hebben te maken met verpleegkundigen en artsen, die hebben allemaal hun eigen medische code en medische aid. Dat is ook gewoon hun vak. Dus als je het hebt over data lekken, dat zien wij niet, omdat iedereen werkt in de beschermde omgeving van het dossier. En daar gaat geen informatie uit naar iets anders, zeg maar. Soms zien we wel eens een mismatch in gegevens. Want je hebt natuurlijk een veelheid... Klopt dit wel? [00:16:31] Speaker A: Wat bedoel je met mismatch? [00:16:32] Speaker C: Nou, dat het niet klopt. Het gaat over een meneer en je ziet in het dossier een mevrouw. Dan weet je, dit is niet goed. En dan moet je dus gaan kijken, waar ligt dat aan? Het is natuurlijk een hele ingewikkelde techniek. [00:16:45] Speaker A: Dat kan ik me van alles bij voorstellen, want het klinkt natuurlijk super simpel. Je kunt gewoon even in het dossier kijken bij iemand anders, maar daar zit een techniek achter die groot is en ingewikkeld. [00:16:58] Speaker C: Ja, die is enorm ingewikkeld en daarvoor zien we nog wel dat het beter kan. We hebben nu een van de behoeften, die was natuurlijk ook dat de verpleegkundigen die ergens naartoe gaat, ook kan rapporteren en registreren. Rapporteren, dus in het dossier van dit heb ik gedaan, dat kan. Maar ook registreren van ik ben daar geweest. Dat is een ontwikkeling die nu plaatsvindt. En omdat wij in Friesland er zo grootschalig gebruik van maken, zie je ook dat nu de grote partijen ook wel hun oog hebben op Friesland. Wij hebben gezegd, die registratie moet versneld doorgevoerd worden, want het kost een verpleegkundige extra tijd om naast rapportage dan ergens anders te registreren. Ik ben daar naar geweest. [00:17:37] Speaker A: Dat lijkt me een fantastische toevoeging. Als je dus ook kan rapporteren in dat dossier. Fantastisch. Erma, waren of zijn jij en je collega's bang dat de techniek misschien het werk zou overnemen? [00:18:05] Speaker B: Nee, dat kan ik echt heel eenduidig mijn antwoord op geven. Nee, ik denk dat het alleen maar bijdraagt aan je werkzaamheden en dat je het op die manier moet gaan zien. Je werkt met mensen en dingen zijn wel te leiden in bepaalde processen, maar uiteindelijk ben je verpleegkundige en juist al die diversiteit binnen bepaalde casuïstiek maakt dat je daar altijd een nuance in moet gooien. Nee, dat kundetechniek kan dat echt niet overnemen. Nee. [00:18:35] Speaker A: En voordat het ingevoerd werd, waren toen ook ergens twijfels over? [00:18:43] Speaker B: Over de techniek, over de invoering op zich. [00:18:47] Speaker A: Over alles? [00:18:49] Speaker B: Ik denk dat alle veranderingen maken dat mensen gaan nadenken over van, wat kan er allemaal gebeuren? [00:18:57] Speaker A: Waar was jij het meest bang voor? Bang is misschien niet het goede woord. Waar had je zorgen over misschien? [00:19:03] Speaker B: Nou, ik had ze niet zozeer, maar ik kan me wel voorstellen dat mensen niet, omdat ik vrijwel betrokken was, maar dat als mensen wat minder betrokken waren, dat ze echt moesten wennen aan het idee dit is wat we gaan doen. En dat het meer het wennen aan het idee is, maar niet zozeer angst, nee. [00:19:17] Speaker A: En wat zou je echt missen als je morgen weer terug moest naar de oude situatie? [00:19:23] Speaker B: Oh, de gezamenlijkheid. Het samen met elkaar doen. Je bent zo ongelooflijk breed met elkaar bezig. [00:19:31] Speaker A: En wie is samen? [00:19:32] Speaker B: Samen alle organisaties, als triassisten met elkaar samen, als artsen met elkaar samen. Je bent gewoon eigenlijk als heel Friesland, als ouderenzorger in Friesland, werk je samen om te zorgen dat de zorg geborgen blijft voor nu en maar ook voor de toekomst. [00:19:47] Speaker A: Mooi. [00:19:47] Speaker B: Ja. [00:19:48] Speaker A: En Lodewijk, aan jouw kant, als je opnieuw zou beginnen, wat zou je dan misschien anders doen? [00:19:59] Speaker C: Goeie vraag. Ja, als je opnieuw zou beginnen, wat zou je dan anders doen? Ik denk dat je nu, achteraf, hebben we wel een aantal dingen waarvan we hebben gezegd van, joh, als we dat vooraf hadden geweten, hadden we het anders gedaan. Bijvoorbeeld, je moet een hele pool van mensen samenvoegen tot één club. [00:20:16] Speaker A: Ja. [00:20:18] Speaker C: Dan zie je eigenlijk dat in een samenwerking zoals dat nu is, dan ga je toch met elkaar polderen. Iedereen wil iets inbrengen. Iedereen vindt ook, ja, wij zijn hier goed in. En dat maakt dan dat je dus in dat stadium zegt van nou oké, dan levert iedereen een deel. Maar dan krijg je dus een club van mensen waarvan je als je overnieuw zou beginnen, want je start als het ware een nieuw bedrijf, gewoon een soort zorgcentrale. [00:20:41] Speaker A: Zo voelt het wel. [00:20:42] Speaker C: Zo voelt het wel. Maar dan zou je toch iets meer invloed willen hebben op wie komt daar dan te zitten. Omdat wat ik zei met die drie succesfactoren, een van de belangrijkste is die triageur die daar zit en kan die dit doen. En dat is wel iets waarvan we achteraf hebben gezegd van ja, maar dat merken we nu, moeten we dat anders doen. Want iedereen wil heel graag en kan het heel graag. Sommigen die vinden het ook ingewikkelder dan ze hadden gedacht vooraf. Nou, dat is een leerpunt. En van tevoren nog meer iedereen meenemen vanuit elke organisatie om ervoor te zorgen dat er nog meer betrokkenheid is. Ja, dat kun je niet genoeg doen, heb ik al geleerd. [00:21:20] Speaker A: Klinkt een beetje tegenstrijdig. Aan de ene kant niet teveel meer polderen. Vertaal ik het even. Het andere is proberen toch iedereen te betrekken. Ik ga even naar jou toe. Voel jij je genoeg betrokken? [00:21:34] Speaker B: Ja, ik vond er genoeg betrokken, maar ik zie ook dat dat niet bij iedereen het geval is. Ik zat er natuurlijk dichterbij en de TS is er niet, maar ik denk dat dit om juist heel veel aspecten en heel veel partijen gaan en onderdelen van organisaties die, als je achteraf terugdenkt, misschien toch iets meer betrokken hadden moeten worden, meer hun expertise gebruikt moeten worden. [00:21:56] Speaker A: Het komt gewoon heel nauw het mensenwerk. [00:21:59] Speaker B: Het is groot, het is gewoon heel groot met veel partijen. [00:22:03] Speaker A: En op het bestuurlijke niveau zijn er veel bestuurders die, was het een no-brainer voor bestuurders? Of heb je veel kopjes koffie moeten drinken om mensen te overtuigen? [00:22:14] Speaker C: Ja, heel veel kopjes koffie. Ja, zeker. Ik vergelijk soms wel eens met dat ik de Mark Rutte van Friesland ben, omdat je toch iedereen... Het is heel veel kikkers in de kruiwagen houden. Dat is een heel belangrijk aspect. En een ander belangrijk aspect vind ik dat je gewoon, als je goed onderzoekt wat de daadwerkelijke situatie is met data, Dus je kunt laten zien, om het voorbeeld te geven, toen ik voor het eerst met die artsen van alleen pool Leeuwarden zat, dus de pool die we toen wouden samenvoegen, van de vijf pools wouden we twee samenvoegen rondom Leeuwarden. En we stelden dat voor van, joh, kunnen jullie deze diensten niet gezamenlijk doen? Toen zeiden die artsen, nee, dat kan niet. Het is veel te druk. Onmogelijk. Wat we toen hebben gedaan, is dat we gewoon hebben gezegd van, laten we gaan kijken hoe druk het is. We registreren gewoon. En die methode hebben we eigenlijk uitgebreid naar heel Friesland. En dat maakt dat je gewoon kunt laten zien dat iets kan, onderbouwd. Dus dat het geen gevoel meer is van een triagist of van een arts, maar dat het gewoon iets is. Dat is echt wel de sleutel tot succes. Maar daarnaast zeker die bestuurders die dus bereid zijn om deze samenwerking aan te gaan. Het vertrouwen wat je wint door kleine successen te boeken en steeds te laten zien dat het kan. Naar zoiets groots dat we nu hebben, ja, dat is wel de basis. [00:23:28] Speaker A: Want stel je voor dat er nu een bestuurder luistert en die denkt dit wil ik ook. Wat is dan een eerste stap? [00:23:39] Speaker C: Mij bellen? Nee, de belangrijkste stap is denk ik, als het gaat om de VVT sector, en dat zeg ik heel vaak, om de krachten te bundelen moet je als één domein opereren. En we zien in de avond, nacht en weekenden dat je hebt een meldkamer. Je hebt een dokterswacht, die doet dat voor de hele provincie. Je hebt de GGD, die hebben een gezamenlijke crisisdienst. De GGZ heeft een gezamenlijke crisisdienst. Dat moet je als VVT ook met elkaar opzetten. Met elkaar dus in de regio. En die regio kan mij niet groot genoeg zijn, zeg maar. Met elkaar dat organiseren en daarover met elkaar in gesprek zijn. En openheid over wat je problemen zijn. En je moet het kunnen geven. Sommige organisaties hadden het heel goed voor elkaar. Dus die zeiden van ja, ik heb geen probleem. Ja, ik heb geen probleem. Dus waarvoor zou ik hier aan meedoen? Dus juist voor die organisaties is het van belang om ook voor de andere partijen, zeg maar, de gezamenlijkheid te zien. [00:24:37] Speaker A: En Irma, wat zou jij tegen collega's zeggen die hier binnenkort mee gaan werken, bijvoorbeeld? [00:24:44] Speaker B: Het is een verrijking, het is een verbreding van je vak. Een verbreding die zoveel dingen en punten oplevert. Als verpleegkundige kom je in aanraking met veel meer bewoners, veel meer medewerkers. Het plumage is veel groter. Het brengt veel meer dynamiek in je werk. [00:25:07] Speaker A: Leuk, klinkt goed. En tot slot heb ik eigenlijk een paar dilemma's voor jullie bedacht. En de regel is dat je alleen maar ja of nee mag zeggen of een keuze mag maken. En aan het einde mag je er eentje kiezen waar je nog iets over mag zeggen als je die behoefte hebt. Oké? [00:25:29] Speaker B: Ja. [00:25:30] Speaker A: Oké. Lodewijk. Ik heb onderweg wel eens gedacht, waar zijn we aan begonnen? [00:25:36] Speaker C: Ja. [00:25:37] Speaker B: Ja. [00:25:40] Speaker A: Irma, de techniek was de grootste uitdaging? [00:25:44] Speaker B: Nee. [00:25:44] Speaker C: Nee. [00:25:46] Speaker A: Dan begin ik weer bij jou. Een grote stap of heel veel kleine stapjes? Dit is een moeilijke. [00:25:59] Speaker C: Een grote stap. [00:26:02] Speaker A: Irma? [00:26:03] Speaker B: Dan vul ik hem aan met veel kleine stapjes. [00:26:06] Speaker A: Irma, jij mag weer beginnen. Geduld of doorpakken? [00:26:14] Speaker B: Doorpakken, denk ik. [00:26:15] Speaker C: Doorpakken. [00:26:17] Speaker A: Bestuurders of professionals? Gewetensvraag voor jou. [00:26:23] Speaker C: Professionals. [00:26:26] Speaker B: Ja, ook professionals. [00:26:29] Speaker A: Irma, ik zou iedere regio aanraden hiermee aan de slag te gaan. [00:26:33] Speaker B: Zeker. [00:26:33] Speaker C: Ja. [00:26:35] Speaker A: Wil je nog ergens op terugkomen, Lodewijk? [00:26:38] Speaker C: Nou, je vroeg geduld of doorzetten. Ik ben van het doorzetten en doen en ik heb ook wel geleerd je moet ook wel geduld hebben vanwege de grote veranderingen die je doet. Maar je moet wel durven en doen en dan ook gewoon een stap durven nemen om alles van tevoren helemaal uitzoeken om te verzorgen dat je geen enkel risico loopt. Dat zorgt zo voor de vertraging in de doorontwikkeling die we hebben. Dat is wel iets wat ik echt iedereen kan meegeven. Ga het gewoon doen en zorg ervoor dat je flexibel genoeg bent om te reageren op de uitdagingen die dan komen. [00:27:16] Speaker A: Ja, dus toch een beetje dat doorpakken. [00:27:19] Speaker C: Doorpakken, doen. [00:27:21] Speaker A: Ja, maar wil jij nog ergens op terugkomen? [00:27:22] Speaker B: Ik wil nog op die stapjes terugkomen, want ik denk dat het heel veel kleine stapjes zijn naar een grote stap die je met z'n allen gaat maken. Dat is volgens mij zoals het gaat. [00:27:32] Speaker A: Nou, mooi einde. Heel erg bedankt voor dit leuke, interessante besprek. [00:27:37] Speaker C: Graag gedaan. [00:27:40] Speaker A: Bedankt voor het luisteren. Deze podcast is onderdeel van het e-magazine Leidinggever aan de Digitale Transformatie. Wil je meer weten? Kijk dan in de show notes en blader eens door ons e-magazin.

Other Episodes

Episode 1

December 05, 2025 00:24:38
Episode Cover

Welke kansen liggen er voor AI in de zorg voor ouderen?

In deze podcastaflevering van De Digitale Zorgcast gaat Ivette Heesbeen, beleidsadviseur bij ActiZ (team Digitaal Denken en Doen) in gesprek met Pieter Jeekel, voorzitter...

Listen